Prins helpt: dierondersteunde speltherapie

Dierondersteunde speltherapie (in het vervolg DOST) is een bijzondere vorm van hulpverlening waarbij de hond een onderdeel vormt van het therapieproces van een kind. 

Er zijn slechts 75 therapeuten wereldwijd die geschoold zijn in 'Animal Assisted Play Therapy' (AAPT). Spelen helpt is de eerste in Nederland die dierondersteunde speltherapie onder het hulpverleningsaanbod heeft staan!

 

De samenwerking tussen therapeut en hond is erg bijzonder, ze werken nauw samen en vormen een hecht duo. Deze stabiele samenwerking versterkt de positieve effecten die dierondersteunde speltherapie kan bieden aan kinderen.

Tijdens dierondersteunde speltherapie kun je namelijk aan meerdere doelen tegelijk werken, waardoor deze vorm van ondersteuning sneller positieve resultaten kan boeken!

 

Wat gebeurt er eigenlijk tijdens een sessie dierondersteunde speltherapie?

En waar zit de kracht van de inzet van een hond? Om dat te weten te komen, is het belangrijk om te lezen over het ontstaan van dierondersteunde therapie.

Hoe is dierondersteunde therapie ontstaan?

Al decennia geleden deed Boris Levinson een onderzoek onder psychologen. Hij kwam erachter dat er bij een aantal psychologen uitstekende therapeutische resultaten in sessies werden behaald. In deze sessies vormden dieren onderdeel van de therapie (Van Fleet, 2010)!

 

De aanwezigheid van therapiehonden zorgt voor:

- verhoging van de motivatie van kinderen in de therapie

- meer betrokkenheid met fantasierijk spel (in fantasiespel verwerken kinderen, kunnen ze problemen oplossen en sterker worden)

- hogere concentratie binnen het spel

- minder weerstand en agressief gedrag (Thompson, 2007)

Hoe gaat het in zijn werk?

Bij dierondersteunde speltherapie kan een kind aan meerdere doelen werken (tegelijkertijd). De inhoud van de sessies is dus afhankelijk van de leerdoelen van het kind. Daarnaast is het belangrijk dat het welzijn van de hond in de gaten wordt gehouden. Als de hond (stress)signalen af geeft dan is dat een teken dat de therapeut op een andere manier te werk moet gaan. De inzet van een therapiehond is een mooie toevoeging aan alle methodieken waar een kindertherapeut mee werkt, niet een standaard. Er zijn een aantal interventies waar de therapeut zich bij DOST op richt:

Therapie met een hond is drempelverlagend

  • Hulp vragen omdat je iets niet kan of iets moeilijks hebt meegemaakt, is vaak moeilijk. Het zetten van de eerste stap is dan best wel eng! Met een hond in de spelkamer, is de start van zo'n therapie minder spannend. Een hond is de ijsbreker voor een spannende eerste sessie.
  • De hond is de link in de conversatie tussen therapeut en cliënt, of vormt een opening voor een opbouwend gesprek.
  • Een hond is een kleinere stap om een relatie mee op te bouwen (bijv. bij hechtingsproblemen).
  • Een therapeut lijkt minder bedreigend als er een hond aanwezig is in de spelkamer. De vertrouwensband wordt sneller opgebouwd en zo kan er eerder worden gestart met de specifieke leerdoelen waarvoor een kind in therapie is gekomen.
  • Boodschappen bedoeld voor het kind, maar gecommuniceerd via de hond zijn minder bedreigend. Bijvoorbeeld: ''Daan vindt het lastig om te kiezen waar hij mee wilt spelen, Prins''. En andersom: kinderen komen vaak met boodschappen waar de therapeut op kan inspelen:

Kind: ''Ik denk dat Prins verdrietig is vandaag''

Therapeut: ''Waarom denk je dat Prins vandaag verdrietig is?''

Kind: ''Hij kijkt zo verdrietig uit zijn ogen!''

Therapeut: ''Hij kijkt inderdaad wel wat verdrietig. Waarom ben je verdrietig, Prins?''

Kind: ''Ik denk dat hij verdrietig is omdat hij iemand mist!''

 

Een hond als spiegelfunctie

  • Een hond weerspiegelt het gedrag en de gemoedstoestand van een kind. Een goede observatie van de therapeut geeft hem/haar meer informatie over het karakter van het kind. Als een kind contact maakt met een hond, maakt de hond het gedrag van een kind zichtbaar aan de therapeut (spiegelfunctie). Vind een kind de eerste sessie nog spannend, dan kan de therapeut dit vaak zien aan het kind. Maar kinderen kunnen hun emoties ook verbloemen of hebben zichzelf door omstandigheden aangeleerd dat emoties niet zichtbaar mogen worden gemaakt. Prins merkt deze manier van coping op en zal dit aan mij kenbaar maken!
  • Is een kind zenuwachtig, dan zal Prins op zo'n moment onrustig worden in zijn gedrag of proberen het kind uit zijn comfort zone te halen door hem een knuffel te brengen. Dit zichtbare gedrag kan benoemd worden door de therapeut: ''Best wel spannend hé Prins, zo'n eerste keer!''. Bij een directe opmerking, kan een onzeker kind hier nog onzekerder door worden. Terwijl een indirecte boodschap via de hond, een kind erkenning kan geven voor deze onzekerheid of onderliggende angst.
  • Op een positieve manier kunnen emoties bespreekbaar worden gemaakt, waardoor er ruimte is voor leren en ontwikkelen! Een kind leert zo dat emoties er mogen zijn. En kinderen leren om woorden te geven aan deze emoties. Kinderen die lastig hun emoties uiten, zullen hierdoor sneller leren hun emoties gaan uiten.
  • Wordt een commando aarzelend uitgesproken, dan zal een kind deze niet opvolgen. Zit een kind niet zo lekker in zijn of haar vel, dan zal dit door Prins worden opgemerkt. Met een indirecte boodschap kan het gedrag van het kind bespreekbaar worden gemaakt. Als Prins druk heen en weer loopt, kan de therapeut dit verwoorden: ''Jeetje, wat is Prins onrustig! Wat zal er met hem zijn, denk je?''

 

Oefenen van (sociale) vaardigheden

Door het steeds opnieuw oefenen met de hond krijgt het kind de mogelijkheid om alternatief gedrag te leren (bijv. stabieler te gaan staan, duidelijker te spreken etc.). Hierdoor komt de ontwikkeling van bijv. sociale vaardigheden op gang. Samen kijken wat een hond nodig heeft waardoor een kind de koppeling leert te maken tussen zichzelf en de hond. Een kind leert met de hond een relatie op te bouwen, positieve interacties te beleven en sociale vaardigheden op te doen. Dit versterkt de zelfredzaamheid en de eigen ‘ik’ van het kind.

Welke leerdoelen?

  • Uiten van gevoelens
  • Verbeteren van emotieregulatie
  • Verbeteren van de hechtingsrelatie
  • Vergroten van zelfvertrouwen
  • Vermindering van faalangst
  • Ontwikkeling van empathie
  • Omgaan met hondenangst
  • Vergroten van probleemoplossend vermogen
  • Ontwikkeling van de fijne motoriek
  • Spraakproblemen
  • Leesproblemen

Niet praten, maar doen!

Waarom therapie met een hond?

  • Honden zijn speelse dieren, passend bij de belevingswereld van het kind
  • Kinderen vinden de interacties leuk
  • Gedragingen van een kind kunnen overeenkomen met die van een hond (bijv. druk of onzeker)
  • Honden accepteren je voor wie je bent
  • Een kind kan veel van een hond leren m.b.t. omgang met anderen
  • Honden zijn empathisch ingesteld
  • Honden houden van fysiek contact
  • Honden zijn heel goed te trainen
  • Honden passen zich snel aan de situatie aan
  • Honden zijn sociale en actieve dieren
  • Honden zijn georiënteerd op het hier en nu