Wat is speltherapie?

Spelen is verwerken

Speltherapie is een hulpmiddel voor kinderen, waarbij het spel gebruikt wordt om een kind vooruit te helpen. Wanneer ingrijpende gebeurtenissen of psychische problemen de ontwikkeling van het kind belemmeren, kan speltherapie een oplossing bieden. Kinderen hebben meestal nog niet de woorden om te kunnen vertellen wat ze voelen, wat ze denken of waar ze mee zitten. Maar het spel van een kind is als een eigen taal! 

In spel kunnen kinderen zich vrij uiten. Door de manier van volgen en reageren van de speltherapeute verdiept het spel zich en kan het kind gebeurtenissen verwerken en bijvoorbeeld nieuw gedrag oefenen. Het kind kan op deze manier nieuwe ervaringen beleven en tot nieuwe inzichten komen.


De spelkamer

De therapie vindt plaats in de spelkamer. Die is zo ingericht dat het kind zoveel mogelijk vrijheid heeft om met allerlei speelgoed en expressiemateriaal te spelen: verkleedspullen, gezelschapsspellen, een zand- en watertafel, poppen, dieren, voertuigen, teken- en knutselmateriaal, bouwmaterialen, etc. 

De spelkamer is een veilige kamer. In de spelkamer zijn weinig regels. De speltherapeut creëert een sfeer waarin een kind helemaal zichzelf kan en mag zijn. Er is geen veroordeling, het probleem mag er zijn. 

Betekenis van spel:

  • Spel stimuleert de algemene ontwikkeling
  • Spel stimuleert bewegen
  • Spel stimuleert emotionele processen; een kind kan o.a. gedachten, gevoelens en wensen uiten
  • Spel stimuleert sociale processen; via spel kunnen sociale vaardigheden worden geoefend
  • Spel stimuleert de creativiteit van een kind
  • Spel is ontspanning; vermindert stress
  • Spel helpt een kind om problemen op te lossen; het kind kan experimenteren met allerlei vormen van (nieuw) gedrag

Wanneer speltherapie?

Er zijn voor speltherapie grofweg drie probleemgebieden te onderscheiden:

Sociale problemen:

  • moeilijkheden in de omgang met leeftijdgenootjes (niet kunnen samenspelen, pesten, teruggetrokken gedrag, onvoldoende weerbaarheid)
  • moeilijkheden in de omgang met volwassenen (gedragsproblemen, slecht luisteren)

Emotionele problemen:

  • problemen met het uiten van gevoelens zoals angst, boosheid en verdriet
  • te weinig zelfvertrouwen
  • een negatief zelfbeeld
  • hechtingsproblemen
  • faalangst

Traumatische ervaringen:

  • verlies van belangrijke personen (of huisdieren)
  • verandering van de thuissituatie of gezinssamenstelling
  • verwaarlozing, mishandeling of daarvan getuige zijn
  • ziekte, handicap of psychiatrische problematiek van het kind zelf of andere gezinsleden
  • nare gebeurtenissen zoals een ongeluk, pesten, oorlog